Peter

Altijd op hetzelfde plekje zie ik hem zitten, op het terras. Hij aanschouwt dat wat er aan hem voorbij schuift. Het is net een theaterstuk volgens Peter. Met heel veel acteurs. Als ik bij hem thuis kom zie ik hout, hout en nog eens hout. Hier is het net een museum. Hij maakt kunst en sieraden van oude takken die afgewaaid zijn. Hij is blij dat hij dat kan doen. Hij moet het doen. Want Peter kreeg een paar jaar terug een herseninfarct en verloor daarmee zijn onafhankelijkheid, zijn vrijheid en daarmee ook zijn plezier in het leven. Oriëntatie werd ineens moeilijk, waardoor zijn wereld heel klein werd en hij nog maar één route over straat durfde te nemen. Zijn gehoor werd slecht en hij kreeg last van een piep in zijn oren. Soms wel drie. Een orkest. En het is er altijd en word niet meer beter. Hij verlangt terug naar de tijd dat hij in een tuinhuisje woonde in de Haarlemmermeer. Daar genoot hij van de natuur, de vrijheid, het leven met weinig en de grappen die hij uithaalde met de andere bewoners. En van het feit dat hij daar ‘het slavenkoor’ van Verdi kon draaien op vol volume en van buiten werd aangemoedigd het volume nog iets verder open te zetten. Hij was er altijd bezig. En hij bevond zich op een plek waar hij niet langer het gevoel had dat hij er niet mee kon draaien. Zijn ogen beginnen weer te glimmen als hij erover praat. En praten kan hij, verhalen te over. Over zijn “logische” dochter, de dochter van zijn laatste liefde. Over de keren dat hij met zijn oranje fluor spuitbus de straat op ging om hondenpoep oranje te spuiten, het hielp altijd. Over baby’s die uit bomen geboren worden. Over alle gekke dromen die hij heeft. Over hoe het oefenen voor de danslessen zijn toenmalige geliefde splinters in de billen bezorgde. Over de talloze keren dat hij in de problemen kwam omdat hij tegen de systemen van deze wereld inging. Elk verhaal word rijkelijk voorzien van woordgrappen. En begeleid door vers gerolde shag. Ooit begon hij, na her en der wat aanmoedigingen, aan het schrijven van een boek over zijn leven. Maar hij vond het niks en het beschreven papier belandde in de openhaard. “Heb je de woorden niet in de lucht gelezen?” Categorie mooi mens.